<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Uncategorized &#8211; Hadewijch</title>
	<atom:link href="/category/uncategorized/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>https://hadewijch.net</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Fri, 09 Aug 2019 12:31:04 +0000</lastBuildDate>
	<language>nl</language>
	<sy:updatePeriod>
	hourly	</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>
	1	</sy:updateFrequency>
	<generator>https://wordpress.org/?v=5.2.3</generator>
	<item>
		<title>Bijeenkomst 27/9: Hadewijch en de Schrift</title>
		<link>https://hadewijch.net/bijeenkomst-hoe-gebruikt-hadewijch-de-schrift/</link>
				<pubDate>Mon, 01 Jul 2019 18:43:31 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=657</guid>
				<description><![CDATA[Tilburg School of Catholic Theology organiseert in het najaar vier bijeenkomsten waarin onder andere de spiritualiteit van Hadewijch nader verkend wordt. Hoe las zij de Schrift, hoe luisterde zij bereidwillig en op welke manier gaf zij vorm aan haar spiritualiteit? <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/bijeenkomst-hoe-gebruikt-hadewijch-de-schrift/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p><a href="/wp-content/uploads/2019/06/HadewijchOerewoet.png" rel="lightbox-0"><img class="alignright size-full wp-image-417" src="/wp-content/uploads/2019/06/HadewijchOerewoet.png" alt="" width="131" height="200" /></a>Tilburg School of Catholic Theology organiseert in het najaar vier bijeenkomsten waarin onder andere de spiritualiteit van Hadewijch nader verkend wordt. Hoe las zij de Schrift, hoe luisterde zij bereidwillig en op welke manier gaf zij vorm aan haar spiritualiteit? Inleider is drs. Agnes Hoffschulte.</p>
<p>Meer informatie bij <a href="https://www.tilburguniversity.edu/nl/onderzoek/instituten-en-researchgroepen/luce/de-schrift" target="_blank" rel="noopener noreferrer">Tilburg University</a>.</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>De minne is al</title>
		<link>https://hadewijch.net/de-minne-is-al/</link>
				<pubDate>Sat, 25 May 2019 10:57:42 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Minne]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=234</guid>
				<description><![CDATA[Dit korte zinnetje schrijft Hadewijch in haar 25e brief. Het is ongetwijfeld het centrale thema van haar werk. Zij zegt het kort en bondig. Van deze levenshouding wil zij getuigen en anderen deelgenoot maken. “God is Liefde” (1 Joh. 4,16) <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/de-minne-is-al/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p>Dit korte zinnetje schrijft Hadewijch in haar 25e brief. Het is ongetwijfeld het centrale thema van haar werk. Zij zegt het kort en bondig. Van deze levenshouding wil zij getuigen en anderen deelgenoot maken. “God is Liefde” (1 Joh. 4,16) is een citaat uit de bijbel dat Hadewijch graag aanhaalt.</p>
<p><span id="more-234"></span>Al vanaf haar jeugd heeft Hadewijch de minne als de zin van haar leven ervaren. “Sinds mijn tiende jaar ben ik door zo een hartstochtelijke minne overweldigd, dat ik al in de eerste twee jaren dat ik begon te minnen, gestorven zou zijn als God mij niet uitzonderlijke kracht gegeven had” (Uit Elfde Brief). Van kinds af aan heeft Gods Liefde haar aangetrokken, zo benadrukt zij in het Elfde Visioen. Heel haar leven draait rond deze ervaringen van de minne, het verlangen dat de minne bij haar oproept en de trouw die zij zelf als antwoord geeft aan de minne. Deze mystieke ervaringen zijn beslissend voor haar leven. In haar geschriften komt zij hier bijna eindeloos op terug. In haar liederen zingt zij voortdurend over de minne: “In de hele wijde wereld is er niets, dat mij vreugde kan schenken behalve: ware minne.” (Lied 45).</p>
<p>Voor het beschrijven van deze minne-ervaringen, maakt zij gebruik van symboliek en beelden uit de hoofse minnelyriek die in haar tijd zo in trek was.</p>
<div id="attachment_229" style="width: 310px" class="wp-caption aligncenter"><a href="/wp-content/uploads/2019/06/HoofseLiefdeManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg.jpg" target="_blank" rel="noopener noreferrer lightbox-0"><img aria-describedby="caption-attachment-229" class="wp-image-229" title="" src="/wp-content/uploads/2019/06/HoofseLiefdeManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg.jpg" alt="" width="300" height="419" srcset="https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/HoofseLiefdeManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg.jpg 1000w, https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/HoofseLiefdeManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg-215x300.jpg 215w, https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/HoofseLiefdeManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg-768x1074.jpg 768w, https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/HoofseLiefdeManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg-732x1024.jpg 732w" sizes="(max-width: 300px) 100vw, 300px" /></a><p id="caption-attachment-229" class="wp-caption-text">Hoofse Liefde<br />Manesse Codex<br />Universitätsbibliothek Heidelberg</p></div>
<p>God en Gods Liefde wil Hadewijch zelf aan den lijve ervaren. Voor haar is God op de allereerste plaats dus geen abstractie of waarheid die uit het geloof voortkomt. Zij wil God zelf zien en meemaken. Zij zoekt en vindt een persoonlijke relatie met God. Haar mystiek is dan ook vooral een ervaringsmystiek en geen dogmatische verhandeling. “Het allerbelangrijkste dat ik ken in de Schriften lijkt me het minne-gebod dat God aan Mozes gaf: Gij zult de Heer uw God minnen met heel uw hart, met heel uw ziel, met al uw krachten. Toen Hij dit gezegd had, voegde Hij er aan toe: “Dit woord mag je nooit vergeten, of je nu slaapt of wakker bent. Als je slaapt, droom er dan van; als je wakker bent, denk er dan over na, spreek er van en handel er naar.” (Twaalfde Brief)</p>
<p><strong>Magistra van minne</strong></p>
<p>Hadewijch schrijft zelf ook vanuit de minne. Haar teksten zijn bedoeld voor haar vriendinnen, die net als zijzelf door de minne gegrepen waren. Vriendinnen die haar leerlingen waren. Vriendinnen ook waarvan zij in meer of mindere mate gehouden moet hebben. Zij noemt haar ‘hertelike lieve’ of ‘lieve herte’, maar vooral als ‘suete’ of ‘lieve kint’. En met ‘kind’ bedoelt ze dan ‘leerlinge’. Hadewijch schrijft als zorgzame vriendin en oprechte magistra.</p>
<p><strong>Wat is Minne?</strong></p>
<p>Onderzoekers hebben de verschillende aspecten van de Minne uitvoerig uitgewerkt. Het is verleidelijk om een definitie te willen maken van wat minne is. In de grond is het echter onmogelijk, want Gods Liefde is niet te definiëren, zegt Hadewijch. En zij heeft daar een goed argument voor: “ Alles wat over God in de mens zijn gedachten komt en wat hij over hem kan weten of in een of ander beeld kan voorstellen, dat is God niet. Want kon de mens hem begrijpen en verstaan met zijn geest en rede, dan was God de mindere van de mens. Dan zou zijn liefde gauw zijn ‘uitgemind’, zoals nu bij kleine mensen de minne gauw is opgebruikt” (Twaalfde Brief).</p>
<p>Met andere woorden Gods Liefde laat zich niet begrijpen. Voor Hadewijch betekent dit zeker niet dat het verstandelijk vermogen buitenspel wordt gezet. Ze vindt de kracht van rede zelfs erg belangrijk. Alleen Gods Liefde ervaart zij als veel grootser dan zij met haar verstand, zintuigen of gevoelens kan beschrijven.</p>
<p>Hadewijch leeft en schrijft als mystica in een christelijke context van de Middeleeuwen. Het zal niet verbazen dat zij gebruik maakt van christelijke symboliek, rituelen en waarden. Het blijft boeiend hoe zij op haar eigen manier invulling hieraan geeft. Zij verwoordt haar eigen persoonlijk geraakt zijn door Gods Liefde. Zij beschrijft dat zij zich één voelt met God. Het is een ervaring die haar overweldigt: “Als ik dus zó de overvloedige rijkdom van mijn beangstigende en onzegbaar zoete lief mocht kennen, viel ik buiten de geest, weg van mezelf en van alles wat ik in Hem had gezien. En ik viel geheel verloren aan de zaligmakende borst van zijn wezen die minne is. Daar bleef ik in verzwolgen, buiten alle besef iets anders te weten of te zien of te begrijpen dan één te zijn met Hem en daarvan te genieten.” (Zesde Visioen, 80-88).</p>
<div id="attachment_231" style="width: 310px" class="wp-caption aligncenter"><a href="/wp-content/uploads/2019/06/MinneManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg.jpg" target="_blank" rel="noopener noreferrer lightbox-1"><img aria-describedby="caption-attachment-231" class="wp-image-231" title="" src="/wp-content/uploads/2019/06/MinneManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg.jpg" alt="" width="300" height="415" srcset="https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/MinneManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg.jpg 1000w, https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/MinneManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg-217x300.jpg 217w, https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/MinneManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg-768x1063.jpg 768w, https://hadewijch.net/wp-content/uploads/2019/06/MinneManesseCodexUniversitätsbibliothek-Heidelberg-740x1024.jpg 740w" sizes="(max-width: 300px) 100vw, 300px" /></a><p id="caption-attachment-231" class="wp-caption-text">Minne<br />Manesse Codex<br />Universitätsbibliothek Heidelberg</p></div>
<p>Hadewijch beschrijft deze ervaringen op een oorspronkelijke wijze, vanuit een christelijke opvatting. Bekende mystici uit haar tijd maken vaak gebruik van de bruidsmystiek die aan het Hooglied doet denken (zoals Beatrijs van Nazareth en Ruusbroec). Bij die zogenoemde bruidsmystiek wordt de eenwording gezien als een totale samensmelting van God en mens, zoals dat kan gebeuren in hun erotisch samen zijn. Hadewijch haalt soms ook beelden uit deze bruidsmystiek aan, maar voor haar hebben ze veel meer een symbolische betekenis. Bij de eenwording van God en mens blijven beide zelfstandige eenheden: God en de menselijke ziel. De menselijke ziel blijft zelfstandig en uniek. Bovendien gaat het Hadewijch niet alleen om de relatie tussen God en mens. De minne is niet alleen relationeel, maar geeft ook het wezen aan van wat de mens is. In het diepst van zijn wezen is de mens dus ook Gods Liefde. “Waar twee dingen één worden, daar mag tussen beide niets anders zijn dan lijm die ze met elkaar verbindt. De lijm die bindt, dat is de minne, waardoor God met de zalige ziel verbonden zijn. Tot zo’n uiterste overgave roept de heilige minne voortdurend ieder op die edel en fier is; die deze uitnodiging wil verstaan en zich alleen maar op de minne wil richten.” (Zestiende Brief)</p>
<p>Hadewijch benadrukt steeds dat het initiatief voor deze mystieke ervaringen bij Gods Liefde ligt. Het is Hadewijch die aangeraakt wordt in de grond van haar ziel. Deze mystieke ervaringen zijn niet het resultaat zijn actieve inspanningen, maar overkomen haar. Gods Liefde raakt de mens op onverwachte en ongevraagde momenten, wanneer de menselijke ziel er het minst op bedacht is (Brief Twintig). De mystieke ervaring kan dus niet opgeroepen worden door de mens. Het is enkel aan Gods Liefde om de ziel van de mens aan te raken.</p>
<p>Wanneer de ziel eenmaal geraakt is door Gods Liefde, bewerkt dat een heftig verlangen naar God (“Orewoet”). De mens hunkert er naar om opnieuw verbonden te worden met Gods Liefde. Dit is het grote verlangen dat in iedere mens leeft. Het verlangen om uit te breken uit de begrenzingen van het kleine ik, om op te gaan in het meer dan ik: de eeuwige honger, die honger is naar het Eeuwige (zoals Marie Helène van der Zeide het in haar proefschrift verwoordt). Dit verlangen blijft een mensenleven lang, is eigen aan de mens. Het blijft voor velen onvervulbaar. Voor een enkeling, zoals voor Hadewijch zijn er die mystieke ervaringen dat dit verlangen volledig vervuld wordt. Zij beschrijft ze vooral in haar visioenen.</p>
<p>“Het was op een zondag na Pinksteren (dit is de feestdag van de Drie-eenheid) dat men mij de heilige Communie in stilte bracht aan mijn bed, omdat ik voelde dat mijn geest van binnen zo hevig aangetrokken werd dat ik mij uiterlijk niet voldoende in bedwang had om onder de mensen te komen. En die innerlijke drang was gericht om te genieten van één te zijn met God.” (Eerste Visioen)</p>
<p>Voor Hadewijch is de mens geschapen naar beeld en gelijkenis, al schrijft ze dit nergens expliciet. Gods Liefde blijft niet in Zichzelf en stroomt uit naar de wereld. In de mens is het vuur van Gods Liefde te vinden. Dit vonkje in de ziel verlangt naar haar Schepper, wil één worden met God. Zo heeft Gods Liefde deze begeerte in de ziel van de mens gelegd. Het initiatief komt dus van de Minne en niet oorspronkelijk vanuit de mens. Gods Liefde raakt de mens aan en de mens wordt aangedaan: zij worden één. Mens en God verlangen naar elkaar, om één te worden, samen te smelten. Deze eenwording betreft héél de mens: lichamelijk, zintuiglijk, verstandelijk, geestelijk en zelfs buiten geestelijk. In haar taal zegt zij dat het gebeurt “in de grond van de ziel”.</p>
<p>Bij de mystieke ervaring van de éénwording maakt Hadewijch volop gebruik van de christelijke symboliek van de Drie-eenheid: zij voelt zich volledig verenigd met Gods Liefde van de Schepper (Vader), met haar voorbeeld en vriend Jezus Christus (Zoon) en met de Geestkracht (Heilige Geest). Het één worden met Gods Liefde omschrijft zij als “volledige kussen” of &#8220;gebruken&#8221; (genietend één-zijn). Het is de volledige gemeenschap met God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. “De vriendelijkste woorden die God ooit geopenbaard heeft zijn: ‘Ik wil, Vader, dat alle mensen zozeer één zijn in ons, zoals U in mij en ik in U.” (Twaalfde Brief)</p>
<p>Het mag duidelijk zijn dat begeerte nooit ophoudt, want de volledige éénwording met Gods Liefde blijft altijd in het vooruitzicht. Minne en mens zijn nooit “uitgemind”. Begeerte staat dus bij het begin, bij het einde en in het centrum van alle minne.</p>
<p><strong>Ootmoed</strong></p>
<p>Elke mens kan het doel waarop het verlangen gericht is, namelijk de vereniging met Gods Liefde, bevorderen. Een mens komt dichter bij Gods Liefde door de ‘ootmoed’ en door ‘werken van liefde’. Vooral in het innerlijk van de mens kan een houding van ootmoed de ziel ontvankelijk maken voor Gods Liefde. Door ootmoed krijgt de ziel de open ruimte, Hadewijch zegt de ziel verdiept zich dan, om Gods Liefde te ontvangen. Door de ootmoed kan de minne als een draaikolk uit de diepte van de menselijke ziel opbruisen. Ootmoed is de houding van nederigheid (knielen) die groeit in de mens die zijn ziel klaarmaakt voor de ontmoeting met Gods Liefde.</p>
<p>In dit verband spreekt Hadewijch over “stille minne” (met name in haar Dertiende Visioen). De stille minne bestaat uit drie vormen van ootmoed. Allereerst heeft de mens de ervaring dat zijn liefde tot God tekortschiet. Men ervaart dat men te weinig mint. Deze tekortkoming kan de mens verhelpen door zijn ‘trouw aan de minne’. Dus de minne nederig blijven eren. De tweede vorm van ootmoed heeft te maken met de ervaring van de mens dat hij niet voor God bestaat. Dat God hem in de steek heeft gelaten. Als antwoord hierop kan de mens slechts nederig blijven en in stilte trouw aan Gods Liefde (dit noemt zij ‘de hoogste trouw’). De derde vorm van ootmoed is de volledige overgave aan Gods Liefde. Hadewijch noemt dit met een lastig woord: ‘wantrouwen’. Paul Mommaers schrijft het duidelijk: “Het wantrouwen is dus niets anders dan de ervaring dat alles wat men zelf ooit van God kan bezitten nooit God als zodanig is.’ (Mommaers 1979, 131).</p>
<p>De werken van liefde zijn onderdeel van het uiterlijk van de mens. Zij zijn in het handelen het antwoord van de mens die Gods Liefde ervaart. Liefde nodigt immers uit om beantwoord te worden. In haar brieven en liederen roept zij haar geliefde leerlingen op om deugdzaam te leven. Met deugdzaam bedoelt zij niet ‘netjes’, maar leven volgens de deugden. Dit is zich met minne inzetten voor de naaste. Zij geeft vele, vele aanwijzingen om goed te leven: “Doet te allen dinghen wel” en “Dient scone!”. Zelden wordt zij daarbij belerend of moraliserend met het opgeheven vingertje. De toonzetting is meestal uitnodigend. Immers de minne gebiedt niet, maar nodigt uit.</p>
<p>“Ach mijn lieve minne-leerling, laat je door geen enkel leed van de deugden weerhouden. Te zeer houd jij je bezig met dingen die voor jou onbelangrijk zijn. Je verspilt te veel tijd door je haastigheid, omdat je zo overhaast op alles werpt wat op je afkomt. Ik kon jou er maar niet toebrengen daar maat in te houden. Wanneer je zin hebt om iets te doen, dan ben je steeds zo haastig in de weer, alsof het schijnt dat je voor niets anders nog aandacht kunt hebben. Dat je al je vrienden troost en hulp biedt, dat zou mij lief zijn. En prima dat je het doet naar je beste vermogen, maar doe het dan zo dat jij en zij erdoor in vrede blijven. Dat zou ik graag zien gebeuren.” (Uit de vijfde brief)</p>
<p><strong>Christus als vriend</strong></p>
<p>Nogmaals: wat kan de mens volgens Hadewijch doen om Gods Liefde dichterbij te brengen? Hier spreekt Hadewijch vanuit haar christelijk geloof en geeft er haar eigen wonderlijke inkleuring aan. Zij vindt dat de mens nooit Gods Liefde kan eisen of kan opdwingen. Het enige wat de mens kan doen is leven zoals Jezus Christus, zoon van God zelf heeft gedaan. Hadewijch houdt niet op om haar leerlingen erop te wijzen dat zij de deugden moeten beoefenen. Niet omdat het beoefenen van de deugden automatisch tot Gods Liefde zou leiden. Zij verzet zich hartstochtelijk tegen het “do ut des”. Deugdzaam leven niet om in de hemel te komen, maar omdat het hoort bij het leven. Zo heeft God immers ook als mens geleefd, terwijl hij met zijn goddelijke kracht toch alle verdriet en lijden zou kunnen wegnemen.</p>
<p>Op meerdere plaatsen in haar werk noemt Hadewijch dat Christus voor haar in dit hele proces van de minne een wezenlijke rol heeft gespeeld. Christus versterkt en wekt bij haar het verlangen op. Christus leert haar de weg naar Gods Liefde kennen. Door te doen en te leven als Christus, stelt zij zich open voor Gods Liefde.</p>
<p>Want de minne is al &#8230;</p>
<p>&nbsp;</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Rijmbrief 13</title>
		<link>https://hadewijch.net/rijmbrief-13/</link>
				<pubDate>Thu, 23 May 2019 09:07:49 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Minne]]></category>
		<category><![CDATA[Rijmbrief 13]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=1061</guid>
				<description><![CDATA[Over de contrasten van de minne. Hadewijch spreekt van minne in de meest brede betekenis van het woord. De minne omvat het liefhebben van God, van geliefden, van vijanden en zelfs van jezelf. Er zijn nergens aanwijzingen te vinden aan <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/rijmbrief-13/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p><em>Over de contrasten van de minne. Hadewijch spreekt van minne in de meest brede betekenis van het woord. De minne omvat het liefhebben van God, van geliefden, van vijanden en zelfs van jezelf. Er zijn nergens aanwijzingen te vinden aan wie deze brief geschreven kan zijn.</em></p>
<p>[1] Het lekkerste van de minne zijn haar stormen.<br />
Haar diepste afgrond toont haar mooiste vormen.<br />
In haar jezelf verliezen, dat is haar bereiken.<br />
Naar haar hongeren zal voeden en heerlijk smaken.<br />
Haar rusteloosheid biedt zekerheid.<br />
Haar pijnlijkste wonden laten alles genezen.<br />
Om haar wegkwijnen is overleven.<br />
Haar wegstoppen is haar elk moment terugvinden.<br />
Vanwege haar je ellendig voelen is gezond.</p>
<p><span id="more-1061"></span>[10] Haar geheim willen houden brengt haar aan het licht.<br />
Wat zij ontzegt dat zijn haar geschenken.<br />
Zonder woorden zijn haar mooiste gedichten;<br />
Door haar gevangen word je van alles bevrijd.<br />
Haar hardste slagen zijn haar heerlijkste troost.<br />
Alles wat zij ontneemt is grote winst.<br />
Haar weggaan brengt ze steeds dichterbij.<br />
Haar diepste stilte is haar hoogste lied.<br />
Haar felste kwaadheid geeft haar liefste dank.<br />
Haar grootste bedreiging is volledige trouw.<br />
Haar droefheid geneest alle rouw.<br />
Haar rijkdom zijn al haar tekortkomingen.</p>
<p>[22] Nog wel meer kan je van minne zeggen.<br />
Haar hoogste trouw doet laag zinken.<br />
Haar verheven karakter laat je diep verdrinken.<br />
Haar grote rijkdom maakt je arm.<br />
Veel van haar gekregen hebben brengt ongeluk.<br />
Haar troost maakt je wonden groot.<br />
Wie haar beoefent sterft menige dood.<br />
Haar voedsel geeft honger, haar kennis laat je verdwalen.<br />
Verleiden is de werkwijze van haar lessen.<br />
Haar beoefenen zijn gemene stormen.<br />
Haar doorstaan is erg lastig.<br />
Waar ze zich toont wil ze geheim blijven.<br />
Meer dan ze geeft zal ze weer afnemen.<br />
[35] Haar beloften brengen je op een dwaalspoor.<br />
Haar versieringen zijn volledige naaktheid.<br />
Haar waarheid is een en al bedrog.<br />
Haar rust en kalmte zien velen aan als een leugen.</p>
<p>[39] Hierover kunnen velen en ik<br />
getuigen, heel ons leven.<br />
Dikwijls heeft de minne ons dit laten zien,<br />
haar dingen die ons hebben misleid<br />
en wij dachten te bezitten wat van haar bleef.<br />
Sinds ze mij voor het eerst voor gek zette<br />
en ik al haar eigenaardigheden doorkreeg,<br />
ben ik echter anders met haar omgegaan.<br />
Met haar dreigementen en haar beloftes,<br />
daarmee zou ik nooit meer bedrogen worden.<br />
Het laat me koud of ze goed of slecht is<br />
Ik wil de hare zijn, hoe zij ook is,<br />
goed of meedogenloos; het is mij allemaal eender.</p>
<p><em>In de originele taal van het Middelnederlands klinkt het scherper en meer poëtisch:</em></p>
<p>Dat suetste van minnen sijn hare storme;<br />
Haer diepste afgront es haer scoenste vorme;<br />
In haer verdolen dats na gheraken;<br />
Om haer verhongheren dats voeden ende smaken;<br />
Hare mestroest es seker wesen;<br />
Hare seerste wonden es al ghenesen;<br />
Om hare verdoyen dat es gheduren;<br />
Hare berghen es vinden alle uren;<br />
Om hare quelen dat es ghesonde;<br />
Hare helen openbaert hare conde;<br />
Hare onthouden sijn hare ghichten;<br />
Sonder redenne es hare scoenste dichten;<br />
Hare ghevangnesse es al verloest;<br />
Hare seerste slaen es hare suetste troest;<br />
Hare al beroven es groot vromen;<br />
Hare henen varen es naerre comen;<br />
Hare nederste stille es hare hoechste sanc;<br />
Hare groetste abolghe es hare liefste danc;<br />
Hare groetste dreighen es al trouwe;<br />
Hare droefheit es boete van allen rouwe;<br />
Hare rijcheit es hare al ghebreken.<br />
Noch machmen meer van minnen spreken:<br />
Hare hoechste trouwe doet neder sinken;<br />
Hare hoechste wesen doet diep verdrincken;<br />
Hare grote rijcheit maect armoede;<br />
Haers vele vercreghen toent onspoede;<br />
Hare troesten maect die wonden groot;<br />
Hare hanteren brinct meneghe doet;<br />
Hare voeden es hongher; hare kinnen es dolen;<br />
Verleidinghe es wijse van harer scolen;<br />
Hare hanteren sijn storme wreet;<br />
Hare ghedueren es in onghereet;<br />
Hare toenen es hare selven al helen;<br />
Hare ghichten sijn mere weder stelen;<br />
Hare gheloeften sijn al verleiden;<br />
Hare chierheiden sijn al oncleiden;<br />
Hare waerheit es al bedrieghen;<br />
Hare sekerheyt scijnt meneghen lieghen,<br />
Dies ic ende menich dat orconde<br />
Wel moghen draghen in alre stonde,<br />
Dien de minne dicken hevet ghetoent<br />
Saken daer wij sijn bi ghehoent,<br />
Ende waenden hebben dat hare bleef.<br />
Sint si mi ierst die treken treken dreef<br />
Ende ic ghemercte al hare seden,<br />
So hildicker mi al anders mede;<br />
Hare ghedreich, hare gheloven<br />
Daer met en werdic meer bedroghen.<br />
Ic wille hare wesen al datse si,<br />
Si goet, si fel: al eens eest mi.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>© Adrie Lint voor vertaling en toelichting.<br />
Nummers verwijzen naar versregels van originele handschrift.<br />
Toelichting of nadere uitleg worden cursief aangegeven,<br />
zodat vertaling gemakkelijk aaneengesloten te lezen is.</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Welkom</title>
		<link>https://hadewijch.net/welkom/</link>
				<pubDate>Fri, 10 May 2019 01:48:21 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://hadewijch.net/?p=1</guid>
				<description><![CDATA[De website over Hadewijch heeft in juni een grondige update gekregen. Veel inspiratie en plezier&#8230;]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p>De website over Hadewijch heeft in juni een grondige update gekregen.</p>
<p>Veel inspiratie en plezier&#8230;</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Luister online naar Hadewijchs liederen</title>
		<link>https://hadewijch.net/luister-online-naar-hadewijchs-liederen/</link>
				<pubDate>Wed, 23 Jan 2019 13:27:14 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Liederen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=347</guid>
				<description><![CDATA[In 2009 werd het boek  Hadewijch Liederen door Veerle Fraeters en Frank Willaert gepubliceerd. Het fraaie boek werd uitgegeven met vier CD&#8217;s waarop alle 45 liederen te beluisteren waren. Ze werden uitgevoerd door de zangeressen Agnes de Graaff, Els Janssens, <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/luister-online-naar-hadewijchs-liederen/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p>I<a href="/wp-content/uploads/2019/06/HadewijchLiederenFraetersWillaartGijp.jpg" rel="lightbox-0"><img class="alignright size-full wp-image-348" src="/wp-content/uploads/2019/06/HadewijchLiederenFraetersWillaartGijp.jpg" alt="" width="150" height="214" /></a>n 2009 werd het boek  <em>Hadewijch Liederen</em> door Veerle Fraeters en Frank Willaert gepubliceerd. Het fraaie boek werd uitgegeven met vier CD&#8217;s waarop alle 45 liederen te beluisteren waren. Ze werden uitgevoerd door de zangeressen Agnes de Graaff, Els Janssens, Els Van Laethem en Ilse Wijnen, en door Veerle Fraeters en Frank Willaert.</p>
<p>Om deze audiobestanden ook toegankelijk te maken voor een internationaal publiek heeft het Ruusbroecgenootschap (Antwerpen) de liederen op hun Engelstalige website geplaatst. Een prachtig initiatief voor ieder die de liederen online wil beluisteren.</p>
<p><a href="https://www.uantwerpen.be/en/rg/ruusbroec-institute/ruusbroec-institute-library/ruusbroec-library-online-sources/ruusbroec-institute-hadewijch-online/" target="_blank" rel="noopener noreferrer">Klik hier voor de link naar het Ruusbroecgenootschap met de vier CD&#8217;s.</a></p>
<p>&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Lied 20</title>
		<link>https://hadewijch.net/lied-20/</link>
				<pubDate>Mon, 14 May 2018 14:32:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Lied 20]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=838</guid>
				<description><![CDATA[(Vertaling Jan Kuijper) Er is weer een nieuwe lente, dus vergeet Het oude, standvastige jaargetij. Wie in dienst de liefde gaat, Krijgt als loon (het past er bij) Nieuwe troost en nieuwe kracht. Geeft hij haar liefde met liefdes macht <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/lied-20/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p style="text-align: right;"><em>(Vertaling Jan Kuijper)</em><a href="/wp-content/uploads/2019/06/LiefdesliederenJanKuijper.jpg" rel="lightbox-0"><img class="alignright wp-image-363" src="/wp-content/uploads/2019/06/LiefdesliederenJanKuijper.jpg" alt="" width="180" height="289" /></a></p>
<p>Er is weer een nieuwe lente, dus vergeet<br />
Het oude, standvastige jaargetij.<br />
Wie in dienst de liefde gaat,<br />
Krijgt als loon (het past er bij)<br />
Nieuwe troost en nieuwe kracht.<br />
Geeft hij haar liefde met liefdes macht –<br />
In liefde met liefde verandert hij.<span id="more-838"></span></p>
<p>Wie liefde wil worden mag niets ontzien;<br />
Liefde worden is ongehoord –<br />
Zodoende vergaan hem horen en zien.<br />
Door alles heen, zo vaart hij voort.<br />
De liefde woont diep in de vaderschoot,<br />
Maar is de liefdedienst heel groot,<br />
Dan toont de liefde haar werk, misschien.</p>
<p>Voor de liefde van God en voor Mozes’ wet<br />
Betaalt de minnaar in het begin<br />
Zo verkrijgt hij een macht die hem ertoe zet<br />
Te streven naar overgroot gewin:<br />
Hij doet geen moeite voor keihard werken,<br />
Hij lijdt veel zonder iets te merken.<br />
Hij leeft, maar niet in menselijke zin.</p>
<p>Wie liefde wil worden, verricht een groot werk,<br />
Nooit wordt hij daar behoeftig van.<br />
Hij is niet te verslaan en steeds even sterk,<br />
Waar hij de liefde maar winnen kan,<br />
Hetzij bij zieken, hetzij bij gezonden,<br />
Bij blinden, kreupelen of gewonden.<br />
Het is zijn schuld – die bekent hij dan.</p>
<p>De vreemdeling helpen, aan de arme geven,<br />
De zieken troosten zoveel hij vermag,<br />
In trouw aan God zijn vrienden leven,<br />
Heiligen, mensen, nacht en dag,<br />
Uit alle macht en meer dan dat:<br />
Wanneer hij zich ergens te zwak voor schat<br />
Verlaat hij zich op liefdes gezag.</p>
<p>Wanneer je je op de liefde verlaat<br />
Krijg je alles wat een mens behoeft:<br />
Je bent de weg kwijt, dus zij geeft raad<br />
Of zij geeft troost, want je bent bedroefd.<br />
Ben je op haar en op haar alleen?<br />
Wil je haar troost en anders geen?<br />
Dat betekent dat je aan haar eisen voldoet.</p>
<p>Wie niets dan liefde wil bedrijven<br />
Met hart en ziel, met oog en oor<br />
En daar voor altijd bij wil blijven,<br />
Die leert haar kennen, door en door.</p>
<p>Uit: Hadewijch Liefdesliederen,<br />
vertaald door Jan Kuijper, Atheneum Amsterdam 2018, blz. 64-65.</p>
<p>&nbsp;</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Lied 9 (audio)</title>
		<link>https://hadewijch.net/lied-9-audio/</link>
				<pubDate>Thu, 15 Mar 2018 15:11:28 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Lied 9]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=525</guid>
				<description><![CDATA[Frank Willaert leidt in en leest hardop. Die voghele hebben langhe geswegen Die blide waren hier te voren. Hare bliscap es gheleghen Dies si den somer hebben verloren. Si souden herden saen gheseghen Hadden sine weder ghecreghen, Want si hebbenne <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/lied-9-audio/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p style="text-align: center;">Frank Willaert leidt in en leest hardop.</p>

<div class="wvrx-video wvrx-youtube" style="margin-left:auto;margin-right:auto;max-width:80%;"><iframe src="//www.youtube.com/embed/BzhgREtkTM4?fs=1&amp;iv_load_policy=1&amp;rel=0&amp;showinfo=1&amp;wmode=transparent" frameborder="0" width="16" height="9" frameborder="0"  allowfullscreen="allowfullscreen"></iframe></div>

<p><span id="more-525"></span></p>
<p align="CENTER">Die voghele hebben langhe geswegen<br />
Die blide waren hier te voren.<br />
Hare bliscap es gheleghen<br />
Dies si den somer hebben verloren.<br />
Si souden herden saen gheseghen<br />
Hadden sine weder ghecreghen,<br />
Want si hebbenne vore al vercoren,<br />
Ende daer toe worden si gheboren.<br />
Dat machmen dan an hen wel horen.</p>
<p align="CENTER">Ic swighe vander voghele claghe<br />
&#8211; Hare vroude, hare pine, es saen vergaen &#8211;<br />
Ende claghe dat mi meer meshaghe:<br />
Die minne, daer wij na souden staen,<br />
Dat ons verweghet hare edele waghe,<br />
Ende nemen vremde na ghelaghe.<br />
Sone mach ons minne niet ontfaen.<br />
Ay, wat ons nederheit heeft ghedaen!<br />
Wie sal ons die ontrouwe verslaen?</p>
<p align="CENTER">Die moghende metter sterker handt,<br />
Op hen verlatic mi noch sere,<br />
Die altoes werken in minnen bandt<br />
Ende en ontsien pine, noch leet, noch kere,<br />
Sine willen dorevaren al dat lant<br />
Dat minne met minnen in minnen ye vant.<br />
Hare fine herte es so ghere,<br />
Die weten wat minne met minnen lere<br />
Ende hoe minne die minne met minnen ere.</p>
<p align="CENTER">Waeromme soude dan ieman sparen,<br />
Ochtemen minne met minnen verwinnen mach,<br />
Hine soude met nide in storme dorevaren<br />
Op toeverlaet van minnen sach,<br />
Ende minnen ambacht achterwaren?<br />
Soe soude hem die edelheit openbaren.<br />
Ay, daer verclaert der minnen dach,<br />
Daer men vore minne nie pine en ontsach<br />
Noch van minnen nie pine en verwach.</p>
<p align="CENTER">Dicke roepic hulpe alse die onverloeste.<br />
Lief, wanneer ghi comen selt,<br />
So noepti mi met nuwen troeste,<br />
So ridic minen hoghen telt,<br />
Ende pleghe mijns liefs als alrevroeste,<br />
Ochte die van norden, van suden, van oesten,<br />
Van westen al ware in mijnre ghewelt.<br />
So werdic saen te voete ghevelt.<br />
Ay, wat holpe mijn ellende vertelt!</p>
<p>&nbsp;</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Brief 25</title>
		<link>https://hadewijch.net/brief-25/</link>
				<pubDate>Wed, 09 Aug 2017 12:26:32 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Brief 25]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=1112</guid>
				<description><![CDATA[De Minne is alles Een zeer persoonlijke brief over het vuur dat Minne in je binnenste laat branden. Hadewijch laat zien hoe zij een religieuze coach is voor de vrouwengroep die haar ter harte gaat.  [1] Groet van mij ook <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/brief-25/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p style="text-align: center;"><em>De Minne is alles</em></p>
<p><em>Een zeer persoonlijke brief over het vuur dat Minne in je binnenste laat branden. Hadewijch laat zien hoe zij een religieuze coach is voor de vrouwengroep die haar ter harte gaat.</em><em> </em></p>
<p>[1] Groet van mij ook Sara, met dezelfde minne en het gebrek aan minne dat ik ben. Kon ik voor haar helemaal zijn wat ik in Minne wil zijn; dat zou ik graag voor haar doen, hoe zij mij nu ook behandelen mag. Zij heeft vergeten hoe ellendig ik me voel, maar ik wil haar niet terechtwijzen noch haar iets verwijten, aangezien ook de Minne haar met rust laat en haar niet terechtwijst. Die zou haar toch steeds opnieuw onder druk moeten zetten en bezighouden met haar verheven Geliefde. Nu zij andere bezigheden heeft en mijn hartenleed rustig aanziet en laat gebeuren, laat ze mij maar rond tobben. Toch weet ze wel dat ze voor mij een bron van opbeuring zou zijn in dit ellendig leven en straks in het genot van minne. Daar zal zij het ook zeker wel zijn, al laat zij mij nu dus gek maken.<span id="more-1112"></span></p>
<p>[16] En jullie Emma en jij, die meer van mij gedaan krijgen dan wie ook buiten Sara, jullie zijn mij even dierbaar. Maar ook jullie beiden keren je te weinig tot de Minne die mij zo vreselijk gevangen heeft in stormen van onbevredigde minne. Mijn hart, mijn ziel en ook mijn zinnen vinden geen rust, overdag en ’s nachts niet, geen enkel moment. De vlam blijft voortdurend branden in het merg van mijn ziel.</p>
<p><em>Wat een mooie uitdrukking: het vuur van de minne blijft branden in het merg van haar ziel. Wat kunnen we ons daarbij voorstellen? Met merg wordt het binnenste, het centrum bedoeld van een orgaan. Figuurlijk betekent het ook het sterkste, beste of edelste deel. Hier zouden we kunnen spreken van het diepste van de ziel.</em><em> </em></p>
<p>[24] Zeg aan Margriet dat zij zich hoeden moet voor verwaandheid, wijzer worden en zich elke dag naar God richten. Dat ze zich optrekt naar de volmaaktheid toe. Dat ze zich voorbereidt om bij ons te komen wonen waar wij gaan samenleven. Dat ze niet blijft omgaan met mensen die buiten Minne leven en niet bij hen blijven wonen. Het zou een groot gebrek aan vertrouwen zijn als zij bij ons wegbleef, die ons zoveel liefde gaf en die in de geest zo helemaal met ons verenigd is. En ook wij verlangen haar bij ons te hebben.<em> </em></p>
<p>[34] Eens hoorde ik een preek waarin men over de heilige Augustinus sprak. Op het moment dat ik dit hoorde, werd ik van binnen zo in vuur en vlam gezet dat ik het gevoel had dat heel de wereld verbrand had kunnen worden door het vuur dat ik in mij voelde. De Minne is alles.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>© Adrie Lint voor vertaling en toelichting.<br />
Nummers verwijzen naar versregels van originele handschrift.<br />
Toelichting of nadere uitleg worden cursief aangegeven,<br />
zodat vertaling gemakkelijk aaneengesloten te lezen is.</p>
<p><em> </em></p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Rijmbrief 16</title>
		<link>https://hadewijch.net/rijmbrief-16/</link>
				<pubDate>Tue, 08 Aug 2017 14:21:32 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Rijmbrief 16]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=1101</guid>
				<description><![CDATA[(Vertaling Rob Faesen) De minne heeft zeven namen, zoals gij wel weet dat het haar past: dat zijn &#8216;band&#8217;, &#8216;licht&#8217;, &#8216;kool&#8217;, &#8216;vuur&#8217;. Deze vier namen zijn haar trots. Die andere drie zijn groot en sterk, altijd kort en eeuwig lang: <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/rijmbrief-16/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p style="text-align: right;"><em>(Vertaling Rob Faesen)</em></p>
<p>De minne heeft zeven namen,<br />
zoals gij wel weet dat het haar past:<br />
dat zijn &#8216;band&#8217;, &#8216;licht&#8217;, &#8216;kool&#8217;, &#8216;vuur&#8217;.<br />
Deze vier namen zijn haar trots.<br />
Die andere drie zijn groot en sterk,<br />
altijd kort en eeuwig lang:<br />
dat is &#8216;dauw&#8217;, &#8216;levende bron&#8217; en &#8216;hel&#8217;.<span id="more-1101"></span><br />
Dat ik u deze namen vertel,<br />
dat is omdat ze in de Schrift staan,<br />
om voldoening te geven aan haar natuur,<br />
wat ze getuigen en getoond hebben.<br />
Dat ik u niet bedrogen heb [door te zeggen]<br />
dat minne al deze manieren van doen heeft<br />
hij zal dit ten volle weten die haar helemaal beleeft,<br />
iets waar vele wonderen bij horen,<br />
zoals ik u tevoren heb gezegd.</p>
<p>Een <em>band</em> is de minne zeker,<br />
omdat ze bindt en daardoor alles in haar macht heeft.<br />
Haar band is in alle opzichten welkom,<br />
zoals hij goed weet die ze heeft bekoord.<br />
Want ze vernietigt middenin de troost<br />
en ze geeft in alle pijn bemoediging.<br />
Haar band maakt dat ik innerlijk<br />
sterf van pijn, zoals ik besef.<br />
Haar band brengt alles bijeen<br />
in één genot, in één voldoening.<br />
Dit is de band die al dat bindt<br />
zodat de een de ander door en door kent,<br />
in pijn, in zaligheid, in hevige begeerte,<br />
en zijn vlees eet en zijn bloed drinkt,<br />
en het ene hart het andere verteert,<br />
en de ene ziel de andere stormachtig doorvaart,<br />
zoals Hij ons toonde die zelf minne is,<br />
— iets wat het menselijke besef te boven gaat! —<br />
die ons zichzelf te eten gaf.<br />
Daardoor deed Hij ons weten<br />
dat dát het meest intieme van minne is:<br />
door en door eten, smaken en innerlijk zien.<br />
Hij eet ons en wij menen Hem te eten.<br />
We eten Hem ook, daar mogen we zeker van zijn.<br />
Maar omdat Hij zo onverteerd blijft,<br />
zo onberoerd en zo onbegeerd<br />
daarom blijven beiden ongegeten<br />
en ver van elkaar.<br />
Wie door deze band wordt omhelsd,<br />
die kan ten volle gaan eten<br />
indien hij, in God of in mensen, wil kennen,<br />
door en door, en smaken, meer dan hij zou wensen.<br />
Haar band doet weten wat dit betekent:<br />
&#8216;Ik ben van mijn Geliefde, en mijn Geliefde van mij.&#8217;</p>
<p>Haar naam <em>licht</em> doet alles verstaan<br />
waarmee de Geliefde meest misdaan is<br />
en wat met betrekking tot de minne het beste is,<br />
en waarmee men de minne meest veroordeelt.<br />
In dit licht kan men weten<br />
hoe men de mens als God moet beminnen<br />
en God als mens, en hen beiden tegelijk:<br />
dit is een uiterst rijk huldegeschenk.</p>
<p>Haar naam kool moge de aandacht richten<br />
op welke betekenis hiermee in de Schrift bedoeld is.<br />
Het is een wonderlijk geschenk<br />
dat God in de ziel zendt,<br />
in al wat men krijgt, in alles waarin men tekort schiet,<br />
in verzoenen, dreigen, wreken,<br />
in troost, vreugde, arbeid,<br />
in al de tegenstrijdige handelwijzen die ik zei.<br />
De kool is een snelle bode<br />
die de minne bijzonder goed dient.<br />
Zijn taak kent geen einde:<br />
de minne kan die niet missen.<br />
De kool ontsteekt degene die kond was,<br />
ze maakt bevreesd degene die stoutmoedig was.<br />
De reizende (te paard) doet ze te voet gaan.<br />
De nederige maakt ze fier,<br />
de arme plaatst ze in een rijke heerschappij,<br />
zodat hij voor niemand wijkt.<br />
Al het vallen en opstaan,<br />
nemen, geven en ontvangen<br />
ontsteekt én blust, in hevige begeerte,<br />
haar naam &#8216;kool&#8217;. Beijver u nu zelf<br />
hierin, en bemerk<br />
welke ongehoorde wonderen deze naam bewerkt<br />
vooraleer hij weer terugkeert in het vuur<br />
waarin hij het allemaal verdoemt,<br />
verbrandt, verslindt en verteert,<br />
al dat geweigerd was en begeerd.</p>
<p>Haar naam <em>vuur</em> verbrandt alles:<br />
geluk, voorspoed, tegenslag.<br />
Alle toestanden zijn gelijk<br />
voor hem die dit vuur ooit zo nabij aanraakte.<br />
Voor hem is geen enkele zaak te wijd of te eng.<br />
Als dit vuur zo geweldig oplaait<br />
dan is het hem helemaal gelijk wat het verteert:<br />
gehaat (worden] of bemind, geweigerd, begeerd,<br />
overwonnen, verloren, betamelijk of onbetamelijk,<br />
voordeel of schade, eer of schande,<br />
troost met God in de hemel te zijn<br />
of in de helse pijn:<br />
het is voor dit vuur allemaal eender.<br />
Het verbrandt alles wat het ooit aanraakte.<br />
Het stelt ook geen belang in doemen of zegenen,<br />
hiervan kan ik getuigen.</p>
<p>Haar naam <em>dauw</em> heeft zijn eigen taak.<br />
Als het vuur aldus alles verbrandt met zijn kracht,<br />
dan komt de dauw en maakt het allemaal vochtig<br />
zoals een ongehoord zoete lucht,<br />
en brengt het kussen van de edele naturen<br />
en doet hen standhouden in de onrust.<br />
De hunker verzwelgt zodanig wat ze geeft,<br />
dat ze altijd zo moet tewerk gaan.<br />
Dan worden al de stormen gestild<br />
die daarin waren opgestoken.<br />
Daar ontstaat een stilte<br />
waarin de beminde van zijn Geliefde zal ontvangen<br />
zulk kussen als het de minne past,<br />
wanneer hij de Geliefde omhelst in alle opzichten.<br />
De minne doorzuigt en doorsmaakt hen.<br />
Wanneer de minne de minnaars zo raakt<br />
dan eet ze hun vlees en drinkt ze hun bloed.<br />
De minne, die hen aldus teniet doet,<br />
voert hen beiden weg, op een zoete manier,<br />
in een kussen zonder scheiden.<br />
Dat kussen verenigt op een wondermooie manier<br />
in één wezen drie personen.<br />
Zo maakt de edele dauw de brand zoet<br />
die zo stormachtig opgelaaid was in het land van minne.</p>
<p>Haar zesde naam, <em>levende bron</em>,<br />
volgt heel gepast de dauw.<br />
Het vloeien en terugvloeien<br />
de ene door de ander en het ingroeien,<br />
dat gaat het bevattingsvermogen te boven,<br />
de kennis en de capaciteit tot ontvangen<br />
van de menselijke schepsels.<br />
Toch hebben wij het in onze natuur:<br />
de verborgen wegen die de minne doet gaan<br />
en ze, met pijnlijke slagen, het zoete kussen doet ontvangen.<br />
Daarin ontvangt men het zoete, levende leven<br />
dat aan het levende leven Leven geeft.<br />
Deze naam is &#8216;levende bron&#8217; omdat hij voedt<br />
en de levende ziel in de mens behoedt<br />
en met haar leven uit het Leven ontspringt<br />
en de levende uit het Leven nieuw leven zal geven.<br />
De levende bron vloeit onophoudelijk<br />
in oude gewoonten en in nieuwe ijver.<br />
Zoals de rivier weggeeft<br />
en onmiddellijk weer terughaalt:<br />
zo verslindt de minne wat ze geeft.<br />
Aldus is haar naam ‘bron’ en ‘leven’.</p>
<p>Haar zevende naam is <em>hel</em> van de minne,<br />
waarvan ik wegkwijn.<br />
Immers, ze verslindt en verdoemt<br />
alles en in haar komt niemand erbovenop<br />
van degenen die erin valt en die ze omvat,<br />
zodat daar geen genade toegekend wordt,<br />
juist zoals de hel alles vernielt<br />
en men in haar niets anders verwerft<br />
dan ongenade en sterke pijn,<br />
altijd in rusteloosheid zijn,<br />
altijd storm en nieuwe achtervolging,<br />
helemaal verslonden en verzwolgen<br />
in haar grondeloze natuur,<br />
verzinken in hitte en koude, voortdurend,<br />
in de diepe, hoge duisternis van de minne.<br />
Dit overtreft het werk van de hel.<br />
Degene die minne kent, haar komen en haar gaan,<br />
hij weet, hij kan verstaan, dat<br />
het gepast is dat &#8216;hel&#8217; is<br />
de hoogste naam van de minne.</p>
<p>Bemerk nu hoe in deze namen alle toestanden<br />
van de nobele minne besloten zijn.<br />
Zo wijs is geen hart, dat haar gedachte<br />
een duizendste deel van de minneband<br />
kan openbaren.<br />
Ook al zou ze de andere zes namen laten varen,<br />
van de band wordt men niettemin zeker dat men<br />
niet gescheiden kan worden van de minne,<br />
door geen wonder, door geen kracht.<br />
Zo sterk is de macht van dit geschenk van de wijsheid.<br />
Een mensenhart kan het niet uithouden,<br />
en toch moet het de minneband met déze band dragen.<br />
Vanwege het licht bezitten we de manier van doen van de minne,<br />
de kennis van haar wil in alle opzichten,<br />
waarom men het menszijn moet beminnen<br />
en kennen zoals de Godheid.<br />
Met de kool ontsteekt ze hen beiden<br />
met het vuur, en verbrandt ze hen ineen,<br />
zoals de fenix met het vuur van de salamander<br />
verbrandt, en omgevormd wordt.<br />
Met de dauw wordt de brand verzacht<br />
en gezalfd met de verenigende lucht.<br />
Het genot en de hevige begeerte<br />
werpt hen dan in de diepste vloed<br />
die grondeloos is, en altijd leeft,<br />
en die met het leven aan hen drieën één leven geeft,<br />
God en mens in één minne:<br />
dit is de Drieheid boven elk begrip.<br />
Dit brengt de zevende naam<br />
die de hoogste is en de meest gepaste.<br />
Dat is ‘hel’, volgens het wezen zelf van de minne.<br />
Want ze vernietigt ziel en zin,<br />
zodat de minnaars niet meer kunnen herstellen<br />
en niets anders meer kunnen lijden<br />
dan alleen: verloren te zijn in de storm van de minne<br />
met lichaam en ziel, hart en verstand,<br />
blijvend beminnend in de hel verloren.<br />
Wie dat wil, weze gewaarschuwd.<br />
Want voor minne bestaat er geen ander verrijzen<br />
dan: altijd troost ontvangen in pijnlijke slagen.<br />
In het merg van het hart dat innerlijk de trouw bezit,<br />
dáár moet men de offerande van de ware minne zoeken.<br />
Als we zo handelen zullen we overwinnen.<br />
Ook al staat men veraf, toch zal men er de kennis van ontvangen.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>Uit: Rob Faesen, <em>Lichaam in lichaam, ziel in ziel</em>, Ten Have, Baarn, 2003, p.143vv.</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
		<item>
		<title>Visioen 5</title>
		<link>https://hadewijch.net/visioen-5/</link>
				<pubDate>Sun, 23 Jul 2017 13:46:42 +0000</pubDate>
		<dc:creator><![CDATA[adrielint]]></dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Visioen 5]]></category>

		<guid isPermaLink="false">https://hadewijch.net/?p=989</guid>
				<description><![CDATA[In het vijfde visioen neemt Hadewijch het bij God op voor haar vriendinnen. Zij vraagt of God ook aan hen de mystieke vereniging wil schenken. Omdat de eenwording met Gods Liefde alles voor haar betekent. [1] Ik was op de <span class="excerpt-dots">&#8230;</span> <a class="more-link" href="/visioen-5/"><span class="more-msg">Lees verder &#8594;</span></a>]]></description>
								<content:encoded><![CDATA[<div class="pf-content"><p><em>In het vijfde visioen neemt Hadewijch het bij God op voor haar vriendinnen. Zij vraagt of God ook aan hen de mystieke vereniging wil schenken. Omdat de eenwording met Gods Liefde alles voor haar betekent.</em></p>
<p>[1] Ik was op de dag van Maria Tenhemelopneming was ik tijdens de metten een korte tijd opgenomen in de geest. Mij werden de drie hoogste hemelsferen getoond waarnaar men de drie hoogste engelenkoren noemt: de troonengelen, de cherubijnen en de serafijnen. En de adelaar van de vier dieren kwam naar mij toe. Het was de zachtaardige heilige Johannes, de evangelist. Hij zei: “Kom kijken naar de dingen zien die ik als mens zag. Wat ik in gelijkenissen zag, dat heb jij allemaal geopenbaard gezien en in hun volle betekenis. Jij hebt ze begrepen en weet wat ze betekenen&#8217;.<span id="more-989"></span></p>
<p>[12] Toen ik de woorden die de heilige Johannes daarna nog tegen mij zei overwoog, liet ik mij met mijn gezicht op de grond, verscheurd van pijn. En mijn pijn schreeuwde het uit: “Ah, ah, heilige vriend en waarachtig machtige God, waarom laat u mijn geliefden over aan dingen die vreemd zijn aan de minne? Waarom laat u hen niet doorstromen in onze eenheid? Ik heb mijn hele leven op u afgestemd en ik min en haat met u, zoals u zou doen. Want sedert u mij herhaaldelijk rust en vrede hebt gegeven, ben ik nu toch geen lucifer meer, zoals degenen die tegenwoordig lucifer zijn. Die willen dat ze goedheid en genade ontvangen die hun noch door hun manier van leven, noch door hun werken, noch door hun verdienste toekomen. Zij verwaarlozen hun arbeid en verwachten toch genade. Zij verheffen zichzelf omdat u hen een klein beetje van uw goedheid laat zien en daarom al willen zij voorrecht hebben. Die mensen vallen uit uw hemelse gunst. Dat hebt u mij laten weten.</p>
<p><em>Hadewijch beklaagt zich bij God, die zij hier heilige vriend noemt. Waarom verenigt God zich ook niet met haar vriendinnen, zoals hij met haar doet? Hadewijch beschouwt zich als een integere ‘minnaar’ van God. Zij is zeker geen ‘lucifer’ meer. Lucifer (letterlijk ‘Licht-brenger’) was een voorname engel die een opstand organiseerde tegen God. Hij werd door een andere engel, Michaël, in een grootse veldslag uit de hemel verjaagd. Wie zijn eigen wil boven die van God stelt, is als een lucifer.</em></p>
<p>[30] Op dit punt heb ik het vroeger verkeerd gedaan. Ik heb levende en dode mensen willen verlossen uit het vagevuur en uit de hel, alsof ik daartoe het recht had. Maar wees hierom gezegend: zonder het mij kwalijk te nemen hebt u dit gedaan voor vier van hen, levenden en doden, die toen in de hel verkeerden. Uw goedheid verdroeg dat van mijn onwetendheid en van mijn onbeheerste verlangen en van de mateloze naastenliefde die u mij in u voor de mensen gegeven hebt. Ik kende toen uw volkomen rechtvaardigheid nog niet. In die val liep ik en werd ik een lucifer omdat ik dit niet allemaal begreep. U hebt mij dat niet aangerekend. Dit was wel de reden waarom ik bij mensen in ongenade ben gevallen, dat ik een vreemde voor hen bleef en dat zij wreed waren voor mij. Met minne wilde ik levenden en doden redden uit het diepe dal van hun wanhoop en hun misdragen. Ik deed hun pijn verminderen en doden uit de hel naar het vagevuur sturen en levenden uit de hel naar een het hemelrijk brengen. In uw goedheid heeft u dit van mij getolereerd. U hebt mij laten zien dat ik daarom bij mensen in ongenade was gevallen.</p>
<p><em>Wat bedoelt Hadewijch wanneer zij beweert dat ze levende en dode mensen wilde verlossen uit het vagevuur en uit de hel? Marie van der Zeyde beweert dat Hadewijch in deze een onorthodoxe kijk op de hel heeft. Namelijk dat verlossing uit de hel onder bijzondere omstandigheden mogelijk is. Zou zij daarmee een ketterse vrouw zijn? Herman Vekeman werkt de visie van Hadewijch op hel en vagevuur anders uit. Hel en vagevuur moeten volgens hem meer symbolisch opgevat worden. Het gaat bij beiden niet om het verblijf van de ziel na de dood. Het gaat eerder om de geestestoestand van mensen die spiritueel op een dwaalspoor verkeren. Hadewijch wilde hen daarvan verlossen. Maar het was niet aan de persoon van Hadewijch om dat te bewerkstelligen; alleen de minne zelf kan dat.</em></p>
<p>[52] Toen u mij in uzelf opnam en mij liet weten hoe u werkelijk bent en dat u haat en mint binnen eenzelfde wezen, toen begreep ik hoe ik geheel en al met u moest haten en minnen en in alles zijn. Nu ik dat weet, vraag ik u dat u die bij ons horen met ons verenigt.</p>
<p><em>“Minnen en haten” verwijst naar een diep menselijk dilemma, waar ook Hadewijch mee worstelt. God houdt van mensen en heeft mensen uitgenodigd om het goede voor elkaar te doen (elkaar lief te hebben). Maar wat kan zij (en wij dus ook) doen met hen die het goede niet uitdragen? God drukt Hadewijch op het hart dat zij niet degene is die hen mag veroordelen. Wat zou zij in het verleden graag enkele van haar vriendinnen willen redden. Dat was de tijd dat zij nog leefde in “onwetendheid” met een “onbeheerste verlangen” en vanuit “mateloze naastenliefde”. Nu heeft ze begrepen dat enkel de volkomen minne de maatstaf is voor alle leven. Niet vanuit jezelf een oordeel vellen, maar vanuit de minne leven, vanuit de verbondenheid en vereniging met God. Mystieke ervaringen geven bij Hadewijch de richting voor concrete ethiek.</em></p>
<p>[59] En hij die op de troon zat in de hemel zei tegen me: “Deze drie hemelen ben ik in drie personen: in troonengel ben ik mens ben geworden, in cherubijn ben ik heilige geest en in serafijn ben ik de zalige vereniging waar ik alles ben”. En hij nam me op buiten de geest in het hoogste genot van onbegrijpelijke wonderen. Daar mocht ik hem genieten zoals ik dat eeuwig doen zal. Dat duurde maar een korte tijd. En toen ik tot mezelf kwam, bracht hij me terug in de geest en sprak hij het volgende tot mij: “Zoals je er nu van geniet, zo zal je het eeuwig genieten.” En Johannes zei tot mij: “Neem je dagelijkse last weer op en God zal zijn oude wonderen in jou vernieuwen.” En ik kwam weer terug in mijn leed met veel en groot verdriet.</p>
<p>&nbsp;</p>
<p>© Adrie Lint voor vertaling en toelichting.<br />
Nummers verwijzen naar versregels van originele handschrift.<br />
Toelichting of nadere uitleg worden cursief aangegeven,<br />
zodat vertaling gemakkelijk aaneengesloten te lezen is.</p>
<p>&nbsp;</p>
</div>]]></content:encoded>
										</item>
	</channel>
</rss>
